dinsdag 26 januari 2016

‘lege’ plekken

‘Ik denk aan het strand waar ik een paar dagen geleden nog was. Het was er bitter koud. De horizon was beeldvullend, de lucht bedekte de hele bovenzijde en onder mijn voeten lag het zand, zo ver je maar kon zien. De wind sprong er tegen me op en beet in mijn wangen. Er waren wandelaars met stoomwolken om zich heen en verstrengelde paren met uniseks mutsen. Een voortgeblazen voetbal. Een hond die naar schuimflarden hapte. Een afscheidskus in de duinen. Soms is ruimte het beste bouwwerk dat je kunt neerzetten. Vooral in een dichtbevolkt land. Uitgestrektheid die voortdurend het toeval omlijst: een plein, een doodlopende steeg, een grasveld. Een strand. Alles gebeurt daar omdat er niets is voorgeschreven: het zijn tijdloze, beloftevolle plekken.

Eigenlijk heeft me dat nog het meest verbaasd aan die discussie over de bouwregels voor de Nederlandse kust: dat er zowel onder voor- als tegenstanders mensen waren die zo'n plek als 'leeg' bestempelden. Als in te vullen ruimte: een vel papier waarop je iets kunt tekenen. Of juist niet. Maar wie op die manier kijkt heeft iets prachtigs gemist: dat wat er is.’

Uit ‘De vrouw die niet van leegte houdt’, een column van Ester Naomi Perquin.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

search