moederschap/ sheila heti

in Moederschap stelt Sheila Heti's hoofdpersoon, ook schrijver, zichzelf keer op keer de vraag of ze moeder wil, of moet, worden. omdat ze snel veertig zal worden. omdat al haar vrienden plotseling kinderen krijgen, of willen krijgen. omdat ze het gevoel heeft dat ze dat moet weten.

soms weet ze zeker dat ze een kind wil. vaker weet ze zeker dat ze gelukkiger zal zijn zonder.
(maar hoe weet je dat. hoe kun je dat weten.)

omdat ze niets zeker weet heeft Heti's schrijver er moeite mee argumenten van anderen te negeren. het bewandelen van een onzichtbaar pad, waar wat er het meest toe doet nauwelijks zichtbaar is (p108), bevalt haar maar tegelijkertijd heeft ze het gevoel dat ze zichzelf moet kunnen uitleggen. het boek staat dan ook vol met vragen over wie ze zal zijn als ze geen moeder zal worden. wat doet een vrouw met haar leven als ze geen moeder hoeft te zijn? en, Hoe kan ik de afwezigheid van die ervaring uitdrukken zonder het gemis centraal te stellen? Kan ik zeggen waar zo'n leven een ervaring van is zonder het in verband te brengen met het moederschap? Kan ik zeggen wat het is in positieve zin? (p172)

het gevoel zelf een vraag te zijn & het idee hebben elders het antwoord te moeten vinden.
alsof ze niet het recht heeft om over haar eigen leven te beschikken.

*

Moederschap gaat ook over de moeder en grootmoeder van de protagonist. dit boek is misschien zelfs wel een liefdesbrief; een manier om zorg en verantwoordelijkheid te dragen voor het leed waar deze vrouwen mee hebben moeten leven; een manier om verlossing te zoeken. er zit een bepaald verdriet in het bestaan van de schrijver waar ze de vinger niet op kan leggen. ze weet soms niet waarom ze huilt. wel weet ze waar haar grootmoeder vandaan komt: uit het Europa dat zoveel joden heeft gedood. veel familieleden van haar grootouders (van haarzelf) werden door nazi's om het leven gebracht.

het komt er op neer dat ik me voorstel dat het om familieverdriet gaat.

de intentie dat leed in iets anders te transformeren wordt als volgt beschreven:

Dit wordt een boek om toekomstige tranen te voorkomen, om te voorkomen dat ik en mijn moeder ooit nog huilen. Het zal pas een succes zijn als mijn moeder het leest en voorgoed stopt met huilen. Ik weet dat het niet de taak van een kind is som zijn moeder te laten ophouden met huilen, maar ik ben geen kind meer. Ik ben schrijver. De verandering die ik heb doorgemaakt, van kind tot schrijver, geeft me zekere krachten, waarmee ik wil zeggen dat magische krachten niet ver buiten mijn bereik liggen. Als ik als schrijver goed genoeg ben, zal ik misschien kunnen voorkomen dat ze nog huilt. Misschien kom ik er wel achter waarom ze huilt, en waarom ook ik soms huil, en kan ik ons allebei met mijn woorden genezen.

~

Is aandacht hetzelfde als ziel? Als ik aandacht schenk aan mijn moeders droefheid, verleent die dan een ziel? Als ik aandacht schenk aan haar verdriet – als ik het in woorden vang, het transformeer, er iets nieuws van maak – kan ik dan zijn als de alchemisten, en lood in goud veranderen? Als ik dit boek verkoop, krijg ik er goud voor terug. Dat is een soort alchemie. De filosofen wilden donkere materie in goud veranderen, en ik wil mijn moeders verdriet in goud veranderen. Als het goud binnenrolt zal ik naar mijn moeders deur gaan, het aan haar geven en zeggen: Hier is je verdriet, veranderd in goud. (p28)

*

beide elementen – het familieverdriet, het moederschapdilemma – spelen een grote rol in het leven van de schrijver omdat de neus richting het verleden wijst: de pijn van de holocaust, de rol van de vrouw in familie en maatschappij. alle vragen en angsten en twijfels lijken een (vaak onbewuste) reactie te zijn op de (familie)geschiedenis. de relatie met dat verleden probeert de schrijver voorzichtig te verbreken; niet op een boze manier maar door uit te vogelen waar het plaats heeft genomen in het werktuig van haar denken en handelen.

ofzo.

misschien stel ik me aan maar ik denk dat we nog geen idee hebben van hoe pijn overleeft: van hoe tijd pijn meeneemt: & ik stel me voor dat Moederschap daar deels over gaat. de schrijver neemt het leed van haar moeder in handen geeft er al haar aandacht aan. Hier is je verdriet, veranderd in goud.

wabi sabi



de laatste pagina van mijn wabi-sabi for artists, designers, poets & philosophers van leonard koren 〰

i did not know intuition and repugnance counted

At eighteen I had no proper understanding of the ways that constituted encroachment. I had a feeling for them, an intuition, a sense of repugnance for some situations and some people, but I did not know intuition and repugnance counted, did not know I had a right not to like, not to have to put up with, anybody and everybody coming near. Best I could manage in those days was to hope the person concerned would hurry up and say whatever it was he or she thought they were being friendly or obliging by saying, then for them to go away; or else to go away myself, politely and quickly, the very moment I could.

Anna Burns, Milkman

//

quoi?

ada limón adrienne rich alejandro zambra aleksandar hemon ali smith alice notley alice oswald andré aciman andrea dworkin andrea wulf anna burns anne boyer anne brontë anne carson anne truitt anne vegter annie dillard antjie krog audre lorde ben lerner bhanu kapil carry van bruggen catherine lacey cees nooteboom charlotte brontë charlotte salomon chimamanda ngozi adichie chris kraus christa wolf claire messud claire vaye watkins clarice lispector deborah levy durga chew-bose elif batuman elizabeth strout emily brontë erwin mortier ester naomi perquin etty hillesum f. scott fitzgerald feminisme fernando pessoa han kang helen macdonald henri bergson hermione lee herta müller jan zwicky janet malcolm jean rhys jeanette winterson jenny offill jessa crispin joan didion joke j. hermsen josefine klougart kate zambreno katherine mansfield kathleen jamie katja petrowskaja krista tippett layli long soldier leonora carrington leslie jamison louise glück maggie nelson marcel proust maría gainza marie darrieussecq marie howe marja pruis mary oliver mary ruefle olivia laing patricia de martelaere paul celan paula modersohn-becker piet oudolf poëzie rachel cusk rainer maria rilke rebecca solnit robert macfarlane robert walser robin wall kimmerer sara ahmed sara maitland siri hustvedt stefan zweig sue lloyd-roberts susan sontag svetlana alexijevitsj sylvia plath ta-nehisi coates teju cole terry tempest williams tjitske jansen tomas tranströmer valeria luiselli virginia woolf vita sackville-west w.g. sebald yiyun li zadie smith

abonneer

Blogarchief