Posts tonen met het label narcistische mishandeling. Alle posts tonen
Posts tonen met het label narcistische mishandeling. Alle posts tonen

narcistische mishandeling (ii)

Ik heb het boek nog niet helemaal uit, maar kan al wel vaststellen dat ook het tweede boek van Iris Koops een prettig naslagwerk is. Waar Herstellen van narcistische mishandeling vooral onderzoekt wat narcistische mishandeling is en hoe je er achter komt of je daar inderdaad mee te maken hebt (gehad), helpt Je leven in eigen hand te dealen met het zwarte gat dat onstaat zodra er wordt geaccepteerd dat er inderdaad sprake is (geweest) van narcistische mishandeling.

Ik zeg heel stoer dat het een prettig naslagwerk is, maar het is ook een confronterend werk over wat er in de geest verschoven wordt om ruimte te maken voor de wil en gevoelens (/het bestaan) van een ander. De ruimte voor de narcist. Het zwarte gat dat overblijft als de invloed van die narcist langzaam wordt weggewerkt. Maar ook dat is lastig, want wat is een gevolg van die invloed en wat is daadwerkelijk van het zelf?

& inderdaad, wat te doen met de ruimte die onstaat? Hoe wek ik dat (verborgen/overgebleven) zelf weer tot leven? Uit Je leven in eigen hand:

Tijdens een relatie met een narcist of psychopaat ontwikkel je een bepaald overlevingsgedrag. Dit gedrag is erop gericht om te kunnen overleven binnen deze destructieve relatie. Het herstel is er juist op gericht, los te komen van deze relatie en bijbehorend gedrag. Het gaat erom weer jezelf te worden. Als je identiteit nauwelijks gevormd is of nooit tot uiting heeft mogen komen, is het moeilijk om de gebaande paden, namelijk het jou zo bekende overlevingsgedrag, te verlaten. Nieuwe wegen ontdekken vereist moed.’ p237

Hetzelfde boek (h)erkent waar de valkuilen liggen, hoe triggers werken & hoe deze op te vangen, en heel veel meer.

*

Bizar: de narcist is leeg maar zijn slachtoffer dient ruimte te maken; almaar meer ruimte te maken.

*

Ik heb aldoor de neiging dit alles nu te.. relativeren. Het is voor ‘normale’ (hierover zostraks meer) mensen ongetwijfeld moeilijk de gevolgen van narcistische mishandeling voor slachtoffers in te schatten. De vragen die men, naar ik mij voorstel, stelt zijn dan ook naïef: waarom deed je er niets aan? Waarom zei je er niet iets van? Dergelijke vragen leiden tot schaamte en twijfels, want inderdaad, waarom deed ik niet iets?

Ondertussen weet ik dat het niet zo simpel is: 1) ieder mens leeft slechts één leven, er is dus geen vergelijkingsmateriaal: het slachtoffer heeft geen idee van de abnormaliteit van de situatie; 2) de narcist luistert niet. Simpelweg, niet. Het maakt niet uit waar het om gaat: zolang je het niet met hem eens bent is hij niet geïnteresseerd in wat je te zeggen hebt. Dat geldt voor alles: aangeven wat je voelt, wat je ziet, waarom je iets wel of niet wilt, wat je mooi of lekker of lelijk vindt, waar je pijn voelt, waar de theedoek hangt, dat het regent — zolang de narcist het zelf niet (als dusdanig) ervaart wordt jouw ervaring niet serieus genomen. Als iets echt niet valt te ontkennen (denk aan missende ledematen, aan bloed: onomstotelijk bewijs), is het jouw eigen verantwoordelijkheid, ook als iemand anders (bijvoorbeeld de narcist zelf) jou iets heeft aangedaan.

Er wordt, kortom, keer op keer over je heen gewalst. Je bestaat maar je bestaat niet. Zo voelt het.
Ik weet niet hoe ik dit duidelijker kan maken.

*

Ik dacht lang dat het normaal was overal aan te twijfelen; mijn eigen ideeën, sensaties, ervaringen, minder serieus te nemen dan die van anderen. Zoals ik in mijn blogpost over Koops’ eerste boek al zei:

Jarenlang samenleven met een narcist kan er [..] voor zorgen dat de eigen beleving volledig verdwijnt.

De grens tussen de ander en het zelf bestaat dan niet. Het gevolg is dat er nooit een keuze wordt gemaakt zonder (lang) stil te staan bij de wensen en/of gevolgen van/voor anderen: in eerste instantie de narcist; later iedereen.

Van jongs af aan te maken hebben met een narcist is hard: je voelt je nooit veilig. Je weet nooit wat te verwachten: en dat is wat je wordt: in afwachting. Wel weet je dat er altijd een reactie zal komen (ook al is die reactie soms een langdurig zwijgen) en dus zul je moeten leren anticiperen en incasseren. Maar onberekenbare mensen zijn niet te vertrouwen, en onberekenbare mensen zijn niet eerlijk. Je leert al op jonge leeftijd dat er geen normen, geen waarden zijn die staan, en blijven staan ongeacht de situatie: niets is normaal. & dat geldt voor iedereen en alles, denk je te weten: het generaliseren wordt met de paplepel ingegoten. (Ik haat spreekwoorden, maar hier past het juist omdat ik ze verafschuw.)

En dus bestaat ‘normaal’ simpelweg niet: ik heb het woord jarenlang alleen tussen haakjes gebruikt, ik geloofde niet in het woord. Nu pas begin ik te beseffen dat het te maken heeft met een basis, met normen en waarden, en het recht op een eigen identiteit.

Ik begin meer dingen te beseffen.

narcistische mishandeling

Narcissus’ moeder kreeg van de ziener Tiresias te horen dat het levensgevaarlijk voor haar zoon zou zijn om zichzelf te leren kennen. Narcissus begint inderdaad met sterven op het moment dat hij zichzelf tegenkomt: in het spiegelende water van een heilig meer: hij wordt verliefd op een beeld en weigert dat vervolgens los te laten, ook al leidt het tot zijn ondergang.

Dat is interessant: als ik Iris Koops’ boek Herstellen van narcistische mishandeling goed begrijp heeft de narcist geen ‘zelf’, en vult hij (of zij) die leegte op met aandacht, bewondering, en toewijding van anderen. Hij eigent zich dat toe, denkt dat hij recht heeft op de sympathie en empathie van anderen. De narcist is daar echter zelf niet toe in staat: alles draait om hem: het zelf van anderen is er alleen om gecontroleerd, uitgegumd te worden. Jarenlang samenleven met een narcist kan er dan ook voor zorgen dat de eigen beleving volledig verdwijnt.

Wat veel mensen niet weten is dat narcisten een aantal overeenkomsten met psychopaten vertonen: ze zijn goed in het manipuleren en bespelen van mensen, en zullen zich nooit verantwoordelijk voelen voor het eigen gedrag en de gevolgen daarvan. De narcist heeft een bepaald beeld van zichzelf, en de wereld: een Waarheid — en die waarheid beschermt hij koste wat kost. Kritiek of twijfels accepteert hij niet: het tast immers zijn beeld (en daarmee zijn zekerheid) aan. Als hij er toch mee wordt geconfronteerd kaatst hij de bewering of kritiek terug, verdraait hij woorden, bespeelt hij onzekerheden met opmerkingen die de ander doen twijfelen aan de eigen beleving. Het is een verdedigingsmechanisme, een manier om vooral zichzelf niet te hoeven onderzoeken. Hij speelt de ander tegen zichzelf uit, vermorzelt de integriteit van zijn slachtoffer: hij gaat nooit inhoudelijk in op kritiek, negeert het. Ontwijken doet hij met zoveel kunde dat het niet opvalt: hij maakt gebruik van afleidingsmanoeuvres om zijn vestiging, zijn zekerheid, zijn waarheid, geen risico te hoeven laten lopen.   

De zekerheid van een narcist is een door hemzelf gefabriceerd beeld: het is plat, 2D: alleen te zien vanuit één point of view: zíjn point of view. Narcissus zou zichzelf niet mogen leren kennen want dat zou de dood betekenen: maar zijn zelf leeft niet: hij zou, zoals hij ontdekt bij het meer, ontdekken dat er niets is behalve zijn buitenkant. Het meer laat alleen een wispelturige weerspiegeling zien. Raak het aan en de verschijning verdwijnt. Wijs hem op z’n vluchtigheid en Narcissus komt tot de conclusie dat hij niets weet; hij verdwijnt in zijn eigen niets.

*

Iris Koops’ boek (met als ondertitel Het verdwenen zelf (tevens de titel van haar website)) is een poging om narcistische mishandeling meer bekendheid te geven, in de hoop dat het sneller herkend zal worden door hulpverleners. Het is lastig narcisme te diagnosticeren omdat narcisten een zeer charmant masker op kunnen zetten (zelfbehoud). Als narcistische mishandeling al wordt erkend, dan worden er nogal eens fouten gemaakt tijdens therapie.

Wat ik zeer waardeer aan Koops’ benadering van deze mishandeling is haar stelligheid als het gaat om populaire, new age-achtige therapieën waarbij het vooral draait om empathie. Er wordt geleuterd over vergeving en begrip, over welke rol het slachtoffer zelf heeft gespeeld, en de jeugd van de mishandelaar — het slachtoffer van narcistische mishandeling wordt hier niet mee geholpen. Sterker nog: dit is de manier waarop de narcist haar al die tijd heeft mishandeld: de verantwoordelijkheid voor de wijze waarop ze werd behandeld heeft de narcist altijd bij zijn slachtoffer gelegd. Nogmaals een beroep doen op haar empathie suggereert wederom dat ze het aan zichzelf te danken heeft: had je je zich maar anders moeten gedragen. Nee. Niet. De verantwoordelijkheid van mishandeling ligt ALTIJD bij de mishandelaar. Het slachtoffer van narcistische mishandeling heeft niet voor niets moeite met begrijpen wat ‘normaal’ is: ze heeft geen besef van/ gevoel voor grenzen: niemand heeft haar ooit laten zien dat haar ‘nee’ een grens zou moeten zijn, dat daar overheen denderen geen optie zou mogen zijn. Zo simpel is het. Zo ingewikkeld is het.

*

Later meer; ik ga ook Koops’ tweede boek, Je leven in eigen hand – Verder na narcistische mishandeling lezen. Bovendien, ik kan het niet helpen: ik lees over feminisme (Living a Feminist Life/ Sara Ahmed) & zie allerlei verbindingen tussen narcistisch gedrag/narcistische mishandeling en misogynie/racisme/discriminatie.

//

quoi?

ada limón adrienne rich ali smith alice notley alice oswald anne boyer anne brontë anne carson anne truitt anne vegter annie dillard antjie krog audre lorde bhanu kapil carry van bruggen catherine lacey cees nooteboom charlotte brontë charlotte salomon chimamanda ngozi adichie chris kraus christa wolf claire messud claire vaye watkins clarice lispector david whyte deborah levy durga chew-bose elif batuman elizabeth strout emily brontë emily dickinson emily ruskovich ester naomi perquin etty hillesum f. scott fitzgerald feminisme fernando pessoa han kang helen macdonald henri bergson henry david thoreau hermione lee herta müller jan zwicky janet malcolm jean rhys jeanette winterson jenny offill jessa crispin joan didion john berryman joke j. hermsen josefine klougart kate zambreno katherine mansfield kathleen jamie katja petrowskaja krista tippett layli long soldier leonard koren leonora carrington leslie jamison louise glück maggie anderson maggie nelson marcel proust margaret atwood marie darrieussecq marie howe marja pruis mary oliver mary ruefle maría gainza neil astley olivia laing patricia de martelaere paul celan paula modersohn-becker poetry poëzie rachel cusk rainer maria rilke raymond carver rebecca solnit robert macfarlane sara ahmed sara maitland seamus heaney siri hustvedt stefan zweig susan sontag svetlana alexijevitsj sylvia plath ta-nehisi coates teju cole terry tempest williams tess gallagher tjitske jansen tomas tranströmer tracy k. smith valeria luiselli virginia woolf vita sackville-west w.g. sebald yiyun li zadie smith

Blogarchief