Posts tonen met het label hoogteverschillen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label hoogteverschillen. Alle posts tonen

hoogteverschillen

Het is bijna onmogelijk niet te schrijven over de ongewone en interessante vorm van Hoogteverschillen: het bestaat uit een essay (De zonde van hoogte), een kort verhaal (Op vaste bodem), en een memoir (Het verlies van diepte), en de wijze waarop Julian Barnes deze delen met elkaar verbindt is bewonderenswaardig, en mooi, en zorgt er voor dat dit boek een kunstwerkje is.

Het begint al met de eerste zinnen van ieder deel. De zinnen variëren, maar natuurlijk herkent de lezer een al eerder gelezen zin die bestaat uit bijna dezelfde woorden, en ook het ritme komt overeen. Het belang van de desbetreffende woorden is duidelijk.

Door zinnen ook woord voor woord te herhalen worden de verschillende delen, en dus verschillende situaties, gekoppeld, en maakt de schrijver het verhaal dieper en hoger en breder; de lezer ontdekt steeds weer nieuwe parallellen. De verbinding die tot stand komt heeft (natuurlijk) tevens te maken met de metafoor van de luchtballon: opstijgen, hoogte, afstand, aanwezigheid en afwezigheid, dromen, liefde, neerstorten en levend verbranden; deze woorden zijn overal van toepassing (hoewel Julian Barnes ze bijna niet gebruikt). De luchtballon is daarom misschien wel de ‘hoofdpersoon’ te noemen; het is altijd aanwezig.

Het mooiste van de gehele constructie is dat het laatste deel, Het verlies van diepte, het boek afrondt. Het is rauw en eerlijk en wijs en gemeen (op een zeer beleefde manier). We hebben zojuist gelezen over luchtballonnen en de ruimte boven de wolken waar geen stilte heerst, maar de schaduw van stilte (p. 21), over een gedoemde romance die neerstort en verbrandt (of andersom); we kunnen de echo's van deze verhalen nog horen terwijl Julian Barnes over zijn onderwereld spreekt. Wederom merken we de samenhang op. Ik voelde me omsingeld; alles dat ik gelezen had raakte elkaar nu aan.

Barnes’ memoir confronteert ons, de buitenwereld, met zijn wereld, zijn realiteit: de verwoesting staart je recht in het gezicht. Pijnlijk, maar prachtig.

//

quoi?

ada limón adrienne rich ali smith alice notley alice oswald anne boyer anne brontë anne carson anne truitt anne vegter annie dillard antjie krog audre lorde bhanu kapil carry van bruggen catherine lacey cees nooteboom charlotte brontë charlotte salomon chimamanda ngozi adichie chris kraus christa wolf claire messud claire vaye watkins clarice lispector david whyte deborah levy durga chew-bose elif batuman elizabeth strout emily brontë emily dickinson emily ruskovich ester naomi perquin etty hillesum f. scott fitzgerald feminisme fernando pessoa han kang helen macdonald henri bergson henry david thoreau hermione lee herta müller jan zwicky janet malcolm jean rhys jeanette winterson jenny offill jessa crispin joan didion john berryman joke j. hermsen josefine klougart kate zambreno katherine mansfield kathleen jamie katja petrowskaja krista tippett layli long soldier leonard koren leonora carrington leslie jamison louise glück maggie anderson maggie nelson marcel proust margaret atwood marie darrieussecq marie howe marja pruis mary oliver mary ruefle maría gainza neil astley olivia laing patricia de martelaere paul celan paula modersohn-becker poetry poëzie rachel cusk rainer maria rilke raymond carver rebecca solnit robert macfarlane sara ahmed sara maitland seamus heaney siri hustvedt stefan zweig susan sontag svetlana alexijevitsj sylvia plath ta-nehisi coates teju cole terry tempest williams tess gallagher tjitske jansen tomas tranströmer tracy k. smith valeria luiselli virginia woolf vita sackville-west w.g. sebald yiyun li zadie smith

Blogarchief